Nalatenschap Anton de Kom overhandigd



Literaire nalatenschap Anton de Kom overgedragen


In de jaren '60 verdween de literaire nalatenschap van Anton de Kom. Uitgeleend aan Surinaamse studenten in Leiden, nooit teruggekomen, bijna veertig jaar lang was het een raadsel waar alle papieren gebleven waren. Eind 2008 doken ze weer op. Tot verbazing van de familie bleek het om meer te gaan dan iemand gedacht had. Op dinsdag 24 februari droegen De Koms oudste zoon Ad en zijn dochter Judith het hele literaire archief over aan Michiel van Kempen, hoogleraar West-Indische Letteren aan de Universiteit van Amsterdam. Aan een lange en voor de familie buitengewoon emotionele geschiedenis was een eind gekomen.




Anton de Kom (1898-1945) heeft een bijna legendarische status binnen de Surinaamse cultuur. Lang voor iemand anders in het Caraibisch gebied dat deed, herschreef hij met Wij slaven van Suriname (1934) de geschiedenis van zijn land. Hij legde de grote wonde bloot van drie eeuwen slavernij: dat een heel volk zijn eigen geschiedenis niet kende. En wie zijn eigen geschiedenis niet kent, schreef hij, zal altijd met een minderwaardigheidsgevoel behept blijven.



V.l.n.r. Judith de Kom, Monique de Kom (kleindochter van Adek), Michiel van Kempen, Ad de Kom (oudste zoon van Adek), en op de achergrond acteur Felix Burleson en journaliste Noraly Beyer. (Foto's: Peter Elenbaas)

Maar behalve dit grote essay, inmiddels meer dan tien maal herdrukt, schreef De Kom nog ander werk: de romans Ons bloed is rood en Om een hap rijst, een filmscenario in verschillende versies, gedichten, en drie schriftjes vol Anansi-vertellingen. Al het literaire materiaal is nu tijdelijk overgedragen aan de Universiteit van Amsterdam, waar het in beheer blijft zodat de biografen Rob Woortman en Alice Boots het nog kunnen raadplegen. Aan het eind van 2009 hopen zij hun hun levensbeschrijving van Anton de Kom te publiceren. Het archief van Anton de Kom zal op termijn worden overgedragen aan het Nederlands Letterkundig Museum in Den Haag.

Bij de overdracht benadrukte Van Kempen dat met de vondst van dit werk de vooroorlogse geschiedenis van de Surinaamse literatuur, toen er nog bijzonder weinig auteurs van Surinaamse herkomst waren, verandert. Zoon Ad de Kom memoreerde zijn moeder, die als Nederlandse moest vechten voor een huwelijk met een zwarte man. Zij bewaarde alle papieren zorgvuldig in een doos, na de verdwijning van De Kom (die in 1945 door de Duitsers werd omgebracht in Neuengamme/Sandbostel). Judith de Kom vertelde hoe het terugvinden en weerzien van de schriftjes met Anansi-vertellingen haar ontroerde, omdat haar vader de kinderen elke avond voor het slapen gaan over Anansi vertelde. Acteur Felix Burleson bracht 'De Koms gedicht 'Vaarwel, Akoeba, vaarwel'. Peter Meel, direct van het Instituut Geschiedenis van de Universiteit Leiden, sprak over de grote betekenis van Wij slaven van Suriname en sprak de hoop uit dat de reeds vervaardigde Engelse vertaling van het boek nu snel zal verschijnen.



Het colloquium van het Instituut ter Bevordering van de Surinamistiek zal eind oktober geheel gewijd zijn aan Anton de Kom.